Tom: G G G D G C G D D Er moet ergens een koning zijn, een koning, pas geboren Em Em C D G D G G uit een moedertje lief en fijn, door God uitverkoren. [Verse 2] G G D G C G D D Want we hebben een ster gezien, zoals het stond beschreven. Em Em C D G D G G Ja, we zullen die koning zien, dat willen we beleven. [Verse 3] G G D G C G D D Kom, we volgen het felle licht, zo vinden we de koning Em Em C D G D G G en aanbidden het kleine wicht, hier in zijn arme woning. [Verse 4] G G D G C G D D Goud en mirre, dat geven wij, en wierook om Hem te eren. Em Em C D G D G G Deze koning maakt ons blij, laat ons zijn eenvoud leren.